Subsidies of geen subsidies?

Op de laatste gemeenteraad van juni stond een aanpassing op de agenda van het subsidiereglement inzake inbraakbeveiliging in gebouwen. Het aantal vragen steeg de laatste jaren zodanig dat het potje voor subsidies sneller leeg loopt. Het bedrag werd dan ook aangepast van 250 naar 200 euro.

Tumult op de banken van de oppositie, vooral dan van Groen die het een schande vonden dat de subsidies verlaagd werden, net zoals bij zonnepanelen. Vlaams Belang sloot zich hier snel bij aan, omdat zij tegen inbraken zijn. Groen liet zelfs verstaan dat subsidies voor hun “niet hoog genoeg kunnen zijn”. Daarmee belanden we meteen bij het dada van veelal Groen en SP.A. Zoveel mogelijk met subsidies smijten, ook al krijgt dit op de duur perverse effecten (cfr. zonnepanelen).

Dit oppervlakkig debat ging voorbij aan de essentie van wat je met subsidies wil bereiken. In mijn ogen geef je een subsidie om bepaalde zaken te stimuleren die maatschappelijk nuttig zijn, om een bepaalde mentaliteitswijziging te bekomen, om de markt te stimuleren zodat prijzen dalen. Een subsidie bereikt haar doel als ze aanslaat, als de marktprijs daalt. Op dat ogenblik moet herbekeken worden of het doel al niet bereikt is en of de subsidie nog nodig is.

Terug naar onze inbraakbeveiliging. Deze subsidie heeft duidelijk haar effect. Meer en meer mensen vragen ze aan, de stimulans heeft dus gewerkt. De vraag is dan ook of we meer budget moeten voorzien of we ze moeten afbouwen. Mijns inziens is het laatste de betere keuze. Als gemeente moet je de inwoners stimuleren om hun woning beter te beveiligen. Maar moet dit met subsidies? Vandaag kunnen Dilbekenaars al een gratis doorlichting laten doen door een preventieambtenaar die dan een resem nuttige tips geeft. Het ‘hoe’ is hier belangrijker dan het geven van geld. Bovendien is een subsidie forfaitair. Het bedrag is even hoog voor iedereen (zowel met hoog als laag inkomen) en kan je je dus afvragen of dit wel ‘eerlijk’ is.

Voor mij is het alvast duidelijk: subsidies enkel als ze een gericht doel voor ogen hebben, en ze ook durven afbouwen of stopzetten wanneer de stimulans duidelijk begint te werken. Als een subsidie nodig is om iets betaalbaar te houden, en de marktprijs op termijn niet daalt, ook dan moet je durven beslissen om ze af te schaffen gezien het effect uitblijft en er geen ‘markt’ voor is.
Conclusie: niet subsidiëren om te subsidiëren, enkel om (tijdelijk) te stimuleren

Dit bericht werd geplaatst in Gemeente(raad) Dilbeek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s